De Egyptische El

door Willem Witteveen

De Oud-Egyptische el (meh nesut) was de standaard lengtemaat in het oude Egypte en was gebaseerd op de afstand van de top van de middelvinger tot de onderkant van de elleboog. Er zijn nog verschillende ellematen die de tand des tijds hebben overleefd. Veertien ellematen zijn in 1865 beschreven en onderling vergeleken door de Duitse egyptoloog Karl Richard Lepsius. Deze ellematen varieren in lengten van 52,35 tot 52,95 centimeter en zijn verdeeld in zeven palmen waarvan iedere palm weer uit vier vingers bestaat (een totaal van 28 vingerbreedtes of vakjes). De vingers hebben ook weer een onderverdeling. In het algemeen gebruik had de ellemaat een lengte van ongeveer 52,3 centimeter. De exacte lengte van de Egyptische el is echter gecodeerd in het ontwerp van de Koningskamer in de Grote Piramide van Gizeh. De exacte waarde volgt uit de rechthoekige driehoek met hoeken van 30, 60 en 90 graden (3 – 6 – 9).

Ellemaat van Maya, opzichter van de schatkamer ten tijde van de regeerperiode van Tutankhamon (18e dynastie)

Een 30-60-90 rechthoekige driehoek is een bijzondere driehoek waarin de drie hoeken een waarde hebben van 30 graden, 60 graden en 90 graden. De driehoek is significant omdat de zijden zich verhouden in een gemakkelijk te onthouden verhouding van x : x√3 : 2x. Dat wil zeggen dat de schuine zijde tweemaal zo lang is als de korte zijde en de lange zijde gelijk is aan de vierkantswortel van driemaal de korte zijde. De exacte lengte van de Egyptische el is gelijk aan de hoek van 30 graden in radialen zijnde 0,5236 of π/6 meter. De hoek van 60 graden is gelijk aan π/3 radialen ofwel 1,0472; het jaar van voltooiing van het complex van Gizeh is volgens het boek van Willem Witteveen gelijk aan 10.472 B.C.E. De oorsprong en herkomst van de Egyptische el is nergens beschreven maar deze el werd al gebruikt in de architectuur tijdens het Oude Rijk rond 2700 B.C.E.

“Als je de grootsheid zou kennen van de getallen 3, 6 en 9, dan zou je een sleutel tot het universum bezitten”

Nikola Tesla

Nikola Tesla beweerde dat deze getallen zeer belangrijk waren maar heeft dit verder nooit toegelicht. De getallen zijn gerelateerd aan energie en trilling waarbij 3 x 6 x 9 gelijk is aan 162. De resonantiefrequentie van de Koningskamer bedraagt 16,2 hertz en is gelijk aan de tweede harmonische van de Schumann frequentie voor de breedtegraad van Gizeh. In Witteveen’s boek over de ware functie van de Grote Piramide wordt deze frequentie de ‘Gulden Frequentie van Gizeh’ genoemd vanwege de relatie met het Gulden Getal Φ van 1,618. De resonantiefrequentie van de sarcofaag in de Koningskamer is 81 hertz ofwel 162 gedeeld door 2. De Grote Piramide van Gizeh fungeerde als een ontvangstantenne voor de frequentie van 8,1 hertz. De hoogte van de Grote Piramide is 8,1 x 18 = 145,8 meter waarin 18 gelijk is aan 3 + 6 + 9.

 

“Het getal 9 is de wiskundige vingerafdruk van God”

Allemaal getallen en verhoudingen gebruikt en ingebouwd door Thoth, de architect van het universum, en minitieus gerangschikt door Ma’at, zijn godin gemalin en verantwoordelijk voor stabiliteit en kosmische orde.